Dit kán Nederland niet laten gebeuren

Met het begrotingsdebat Gehandicaptenzorg op 9 maart 2026 in aantocht maken wij ons grote zorgen.

Als medewerkers in de gehandicaptenzorg zien wij elke dag hoe de rek volledig uit onze sector is. In 2019 richtten we Wijwillengezienworden op omdat we zagen wat eraan kwam. Nu, zeven jaar later, is het geen voorspelling meer — het gebeurt nú. En Den Haag kijkt weg?

Met collega’s haalden we destijds 70.000 handtekeningen op en trokken we naar het ministerie van VWS. Maar tijdens de coronacrisis werden wij — en vooral onze cliënten — amper gezien. Daarom verenigen we ons nu via de LVORG, die meer dan 40.000 medewerkers vertegenwoordigt. En toch: de problemen stapelen zich sneller op dan wij ze kunnen aankaarten.

We staan op een breekpunt. Personeelstekorten die elke dag groter worden. Een verzuimpercentage van 10%. Kosten voor PNIL‑inzet die de pan uit rijzen. Boetes van de Belastingdienst die boven de sector hangen als een donderwolk. En dan nóg bezuinigen? Dit is geen beleid meer — dit is het openzetten van de deur richting onveilige zorg.

Op de werkvloer wordt het steeds rauwer uitgesproken:
Hoe moet dit? Hoe gaan we dit redden? Wie gaat nog voor jou zorgen?
Dat zijn geen politieke slogans. Dat zijn wanhoopskreten van professionals die weigeren hun cliënten in de steek te laten.

En dan te bedenken dat Nederland het VN‑verdrag voor de rechten van mensen met een handicap heeft ondertekend. Op papier zijn de rechten van onze cliënten beschermd. In de praktijk worden ze uitgekleed.

Laten we eerlijk zijn: als deze bezuinigingen doorgaan, gaat uiteindelijk het eerste de deur dicht voor mensen met complex gedrag. Niet omdat we dat willen — maar omdat we het simpelweg niet meer kúnnen. En dat durft niemand hardop te zeggen.

Bij deze zeggen wij het wel: dit is de grens.

De gehandicaptenzorg is geen sluitpost. Het is fundament. Het is beschaving.
De politiek moet nú ingrijpen. Niet straks. Niet na nog een rapport. Niet als het kwaad al is geschied.

Wij blijven zorgen. Dat is ons vak en onze overtuiging.
Maar nu is het aan Den Haag om te bewijzen dat zij óns niet laten vallen.

Met dringende groet, namens de LVORG,

Bert Impelmans
Voorzitter LVORG